Cynthia op den Brouw vanaf 1 juli de nieuwe directeur van Espria Ledenvereniging

Vanaf 1 juli aanstaande start Cynthia op den Brouw als de nieuwe directeur van Espria Ledenvereniging. Hiermee volgt zij Erik Wijnhof op, die de basis heeft gelegd om Espria Ledenvereniging te ontwikkelen tot hét steunpunt/loket voor alle vragen rondom informele zorg. Door de kwaliteiten die Cynthia met zich meebrengt kan dit proces optimaal worden gecontinueerd en gewaarborgd.

Namens het bestuur van de Ledenvereniging, spreekt voorzitter Ger Jaarsma zijn vertrouwen uit in deze koers en in de nieuwe directeur. “Cynthia is ruim bekend met de ledenvereniging en brengt ervaring mee uit de zorg. Hierdoor is zij in staat het ingezette proces verder vorm te geven, te implementeren en te borgen. Zowel in de organisatie, als daarbuiten.”

Cynthia op den Brouw heeft eerder gewerkt als manager Concepts & Ledenadvies bij de Ledenvereniging. Daarnaast heeft ze zeer ruime managementervaring op verschillende zorgterreinen. Onder meer in de ouderenzorg, de gehandicaptenzorg en vernieuwende zorgoplossingen.

Voor de realisatie van dit steunpunt voor de informele zorg is de achtergrond van Cynthia als directeur bij het COCD (Centrum voor de Ontwikkeling van het Creatief Denken) en haar innovatiekracht een grote meerwaarde. De ambitie is immers dat Espria Ledenvereniging de komende jaren een invloedrijke vertegenwoordiging wil zijn van informele zorg in Nederland. Zowel in de maatschappij, als bij overheid, door hét steunpunt voor informele zorg te worden en verder te groeien naar meer dan de 300.000 huishoudens die nu lid zijn.

Waarom (na)druk op informele zorg?

Cynthia legt uit; “door een meer complexe en individualiserende maatschappij wordt de informele zorg steeds belangrijker in Nederland. Wij verstaan hieronder alle ondersteuning, hulp en zorg die nodig is om zo lang mogelijk zelfstandig en plezierig te leven en buiten het zorgstelsel valt. Burgers worden meer en meer verantwoordelijk voor het eigen welzijn. De dubbele vergrijzing, de krapte op de arbeidsmarkt en de groei van sociale problematiek maken nu (nog eens extra) duidelijk dat samenwerking noodzakelijker is dan marktwerking. De kwaliteit van ons leven en onze gezondheid hangt dan ook sterk af van de mate waarin we welzijn, zorg en informele zorg verbinden in onze eigen kernen, wijken, buurten. En daar zet ik mij graag voor in om dit samen ook mogelijk en toegankelijk te maken!”